De
Nederlandstalige editie van het weekblad Kuifje verkocht
moeizamer dan het Franstalige equivalent Tintin en daarom
deed Hergé — op voorspraak van Karel
Van Milleghem, de hoofdredacteur van het Vlaamse Kuifje — een beroep op Willy Vandersteen, de populairste
Vlaamse tekenaar die in 1945 de reeks Rikki en Wiske bedacht
en na één avontuur Rikki inruilde voor Suske. Een
van de argumenten hiervoor was dat Rikki te veel op Kuifje leek.
Een publicatie in Tintin en Kuifje was een interessante
en lucratieve opening naar de Franstalige markt, waar Vandersteen
best wel enkele concessies voor wilde doen. Op verzoek van Hergé diende zijn tekenstijl
aan te passen om Suske en Wiske minder volks te maken.
Ook de verhalen moesten beter gestructureerd zijn en geloofwaardiger,
terwijl tante Sidonia, Jerom en professor Barabas achterwege werden
gelaten. Het nieuw samengestelde trio moest dientengevolge op andere
manieren naar het verleden reizen.
In Het Spaanse Spook voldeed Vandersteen aan de eisen en situeerde
het verhaal ook nog eens in een geliefkoosd tijdperk van hem: de
zestiende eeuw in de Nederlanden, een periode die gedomineerd werd
door de vrijheidsstrijd van de geuzen. Zijn fascinatie voor het
werk van schilder Pieter Brueghel kon hij ook ten volle
uiten, al meteen in de tweede prent van Het Spaanse Spook toonde hij Breughels bekende schilderij Boerenbruiloft.
Een spook flitst hen naar het verleden waar een heks het trio omtovert
naar adellijk geklede burgers. Wiske krijgt lange haren met krulletjes
en Lambik ontpopt zich meer en meer tot een dappere held met enig
intellect die er een job als schermleraar bijkrijgt. Maar zijn dwaze
streken verleert hij niet.
Vanaf het tweede verhaal, De Bronzen Sleutel, verscheen Suske en Wiske in vierkleurendruk in het weekblad. Dat
voorrecht genoten enkel de beste verhalen, zoals de reeksen Kuifje en Blake en Mortimer. Vandersteen, een volwaardig lid van
het auteursbestand van het weekblad, kreeg nog meer gunsten verleend. De Tartaarse Helm kwam tot stand nadat Vandersteen op vraag
van Le Lombard een reis had gemaakt naar Venetië
om er zich te documenteren. Als souvenir bracht hij een Tartaarse
helm mee. Daarover bedacht hij een heel verhaal dat de helden ook
naar Brugge bracht, het Venetië van het noorden, waar Vandersteen
eveneens documentatie verzamelde. |