DE SPIRALEN KOOI 


Al Davison • Sherpa
144 p. (SC)
Leven met een open rug

Autobiografieën zijn tegenwoordig niet meer weg te denken in de stripwereld. Betiteld als graphic novel vertrouwt menig auteur zijn zielenroerselen of problematische seksleven aan het papier toe. Soms geromantiseerd, maar soms ook een bijna letterlijke weergave van zijn of haar leven. Zo ook dit verhaal van Al Davison, dat oorspronkelijk al in 1988 in het Engels verscheen in zijn eerste vorm.

Davison is met een open ruggetje geboren; de zogenaamde spina bifida. Een ernstige afwijking waarbij de dokters sterk betwijfelden of hij het wel zou overleven. Maar Davison blijkt een vechter te zijn en weet zich lichamelijk zo te sterken dat hij veel lichamelijke functies aanleert. Niet in het minst om te kunnen lopen. Davison beschrijft hoe hij in zijn pubertieit en jongvolwassen jaren te maken heeft met vooroordelen ("mankepoten zijn impotent") en agressie ("ik haat spasten"). Het bijzondere aan Davison is dat hij de energie en positiviteit vindt om dit te weerstaan. Hij zoekt zijn heil in boeddhisme en weet zichzelf daardoor beter te accepteren. Als hij dan ook eindelijk de liefde van zijn leven vindt, is hij mentaal supersterk.

Toch is niet alles koek en ei want nog steeds krijgt hij aanvallen waarbij onder andere zijn loop- en gezichtsvermogen wegvalt. Ook leert hij te snappen dat zijn sociale vaardigheden niet goed ontwikkeld zijn doordat hij als kind zo vaak in het ziekenhuis lag. We volgen dus zowel zijn mentale als lichamelijke strijd, en dat gaat je niet in de koude kleren zitten. De vertelling is niet lineair, maar springt heen en weer tussen de verschillende leeftijden. Het is confronterend en maakt je wat ongemakkelijk. Dat geldt ook zeker voor de zwart-wittekeningen waar de confrontatie met het vervormde lichaam van Davison zeer direct is. Geen makkelijk boek, maar wel zeer boeiend. Uitgeverij Sherpa houdt haar naam hoog met de keuzes van haar vertalingen.

> ERIK HUBRECHSEN — juli 2009